Epilepsie en langdurig zieke kinderen

Ook leerlingen met epilepsie en langdurig zieke kinderen hebben extra ondersteuning nodig om onderwijs te kunnen volgen. Vaak wordt er extra begeleiding ingezet voor deze leerlingen. De ondersteuning voor hen gaat, net als voor het cluster 1 en 2, niet naar de nieuwe samenwerkingsverbanden, maar is landelijk georganiseerd.

Extra ondersteuning kan geregeld worden via het Landelijk Werkverband Onderwijs en Epilepsie, georganiseerd in de twee landelijke epilepsiecentra Kempenhaeghe en SEIN. Het Landelijk Werkverband krijgt een eigen budget voor de begeleiding van leerlingen met epilepsie. Bekostiging voor hulp aan deze leerlingen komt dus niet vanuit het samenwerkingsverband. Het samenwerkingsverband kan ouders of scholen echter wel in contact brengen met de betreffende hulpverleningsinstantie. 

Ook leerlingen met een chronische of levensbedreigende ziekte moeten onderwijs kunnen volgen. Daarbij is het belangrijk dat zij de band met hun medeleerlingen en leraren behouden. In de regio Midden-Nederland waar het SWV Zuid-Utrecht onder valt, lopen de contacten via de CED-groep, locatie Maartensdijk en De Kleine Prins. Consulenten Onderwijsondersteuning Zieke Leerlingen (OZL) worden vanuit hen ingezet om ouders, leerlingen en de school te ondersteunen. Een consulent helpt bijvoorbeeld bij het organiseren van lessen aan huis (en lessen via Skype) wanneer een zieke leerling geen les kan krijgen van zijn eigen leraar. De consulenten OZL zijn er speciaal voor zieke leerlingen in het basis-, voortgezet en speciaal onderwijs. Ouders en de school van een zieke leerling kunnen een consulent OZL gratis inschakelen.