Extra ondersteuning

Als leerlingen meer ondersteuning nodig hebben dan de basisondersteuning, kan er door de school een extra steun arrangement aangevraagd worden bij het samenwerkingsverband. Met dit arrangement krijgt de school financiële middelen om de leerling beter te kunnen ondersteunen.

Een arrangement kan binnen of buiten de school worden ingezet. Bij plaatsing buiten de school valt te denken aan een tijdelijke plaatsing op de bovenschoolse tussenvoorziening De Linie, De Utrechtse School (Orthopedagogisch Didactisch Centrum) of een plaatsing in het voortgezet speciaal onderwijs. 

Dit alles bij elkaar vormt, samen met de basisondersteuning, een dekkend aanbod. Dit betekent dat er voor iedere leerling een passende plek wordt gerealiseerd. Ieder arrangement of plaatsing in het voortgezet speciaal onderwijs heeft als uitgangspunt dat – waar mogelijk – de leerling weer terugkeert op de reguliere school. 

Voorbeelden van een ondersteuningsarrangement zijn:

  • tijdelijke ondersteuning voor de docent of het team;
  • een budget voor de school om een leerling extra te kunnen ondersteunen;
  • een tijdelijke plaats voor de leerling in een voorziening binnen de eigen school;
  • de (tijdelijke) beschikbaarheid van specifieke hulpmiddelen voor leerlingen met een lichamelijke handicap die de basisondersteuning overstijgen;
  • een (tijdelijke) plaats voor de leerling binnen een bovenschoolse voorziening;
  • een gecombineerd traject van onderwijs en jeugdzorg (een onderwijs- zorgarrangement);
  • een (tijdelijke) plaats of observatie binnen het voortgezet speciaal onderwijs.

Voor plaatsing op een cluster 3 en 4 school is een door het samenwerkingsverband afgegeven toelaatbaarheidsverklaring nodig. Een plaatsing op een cluster 1 en 2 voorziening wordt buiten het samenwerkingsverband om geregeld en is landelijk georganiseerd.